Onderwijsuitgaven van VSSD
Textbooks from VSSD

bestelinformatie / order information

Uitgaven van de stichting Bouwen met Staal die snel via (internet-)boekhandels kunnen worden geleverd

Publicaties van de stichting Bouwen met Staal

Reeks (Over-)spannend Staal

Het Basisboek is deel 1 uit de serie '(Over)spannend staal'. Construeren A, deel 2, gaat in op het toetsen van gangbare staalconstructies. Deel 3, Construeren B, behandelt de meer theoretische achtergronden. Deel 4, Rekenvoorbeelden, bevat 21 uitgewerkte voorbeelden van liggers, kolommen, verbindingen en raamwerken. Staalprofielen, deel 5 in de serie, bevat uitgebreide profielgegevens en andere technische gegevens.

x

Deel 1: Basisboek (Over-)spannend Staal

2004 / 368 pp. / gebonden / ISBN 978-90-72830-45-6 / Euro 35.00

Het Basisboek, geschreven op HBO/TU-niveau, is voor architecten én constructeurs de eerste kennismaking met het gebruik en de toepassing van staal in de bouw. De inhoud van het boek vormt het basisgereedschap voor het ontwerpen van staalconstructies voor hallen, verdiepinggebouwen, woongebouwen en civiele constructies. De lezer wordt kort en bondig geïnformeerd over de eigenschappen van staal, de mogelijkheden om het materiaal te vervormen en te bewerken en de wijze waarop met staal constructiedelen zijn samen te stellen. Ook informatie over brandveiligheid, conserveren, onderhoud en milieu ontbreekt niet. Met eenvoudige vuistregels zijn de dimensies van de meest voorkomende staalconstructies gemakkelijk in te schatten of te berekenen.

Deel 2: Construeren A

2001 / 448 pp. / gebonden / ISBN 978-90-72830-36-4 / Euro 35.00

Construeren A, geschreven op HBO-niveau, is bedoeld voor de (tekenaar-)constructeur. De kracht van het boek ligt in de bundeling van theoretische en praktische informatie. De lezer krijgt informatie over het toetsen van gangbare staalconstructies. De verbindingen, en met name bout- en lasverbindingen, worden in een apart hoofdstuk behandeld. Ook onderwerpen als staal-beton constructies, brandveiligheid, bruggen en kraanbanen komen aan de orde. De verschillende onderwerpen worden afzonderlijk toegelicht met rekenvoorbeelden, maar komen ook integraal aan de orde in drie uitgewerkte constructies.

Deel 3: Construeren B

1996 / pp. / ISBN 978-90-72830-12-8 / Euro 35.00

Construeren B, geschreven op TU-niveau, is bestemd voor de constructeur. De inhoud voldoet aan de TGB 1990 (Staalconstructies) en gedeeltelijk aan de Eurocode. De lezer krijgt informatie over de achtergronden van de toetsingsregels in NEN 6770 en NEN 6771 over stabiliteit en plooi. Een apart hoofdstuk behandelt de flexibele ligger/kolom-verbindingen en gelaste buisverbindingen. Naast achtergronden bij de verschillende normen geeft dit hoofdstuk ook hulpmiddelen voor het economisch ontwerpen van verbindingen. De volgende hoofdstukken gaan dieper in op onderwerpen als staal-beton constructies, brandveiligheid, vermoeiing, dynamica, masten en koudgevormde profielen. De behandelde theorie gaat altijd vergezeld van uitgewerkte rekenvoorbeelden. Twee hoofdstukken gaan over de berekening van bruggen: een tuibrug en een staal-beton brug. De laatste vier hoofdstukken behandelen het ontwerp en de berekening van een ongeschoorde hal, een getuide hal, een geschoorde hoogbouw (Rembrandt-toren, Amsterdam) en een ongeschoorde hoogbouw (voormalig hoofdkantoor Nissan, Amsterdam).

Deel 4: Rekenvoorbeelden

1998 / 224 pp. / gebonden / ISBN 978-90-72830-27-2 / Euro 9.50

Rekenvoorbeelden, geschreven op HBO-niveau, is bedoeld voor de constructeur en bevat uitgewerkte rekenvoorbeelden, aangevuld met beknopte theoretische achtergronden. De rekenvoorbeelden zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: liggers, kolommen, verbindingen en raamwerken. Hoofdstuk 1 behandelt niet alleen liggers over twee en meer steunpunten, maar geeft ook voorbeelden van een raatligger, een plaatligger en een ruimtelijke ligger. In hoofdstuk 2 zijn drie basisgevallen uitgewerkt, inclusief de dimensioneringsformules. In hoofdstuk 3 komen verschillende ligger/kolom-verbindingen aan de orde, zowel scharnierend als flexibel en stijf. Ook worden een ligger/ligger-verbinding, kolomvoeten en een buisverbinding uitgewerkt. Bijna altijd maken deze verbindingen deel uit van een voorbeeld uit één van de andere hoofdstukken. In hoofdstuk 4 tenslotte staan één geschoord en twee ongeschoorde raamwerken centraal. Het laatste type is uitgewerkt voor zowel stijve als voor flexibele verbindingen.

Deel 5: Staalprofielen

1998 / 159 pp. / gebonden / ISBN 978-90-72830-26-5 / Euro 9.50

Staalprofielen is bestemd voor de architect, de constructeur, de staalbouwer én voor studenten. In het boek staan zowel profielgegevens als technische gegevens. De profielgegevens zijn zeer uitgebreid. Naast de meest gangbare warmgewalste profielen zijn ook koudgevormde profielen, gehalveerde profielen en nieuwe profieltypen opgenomen zoals UAP, UPE en ASB. De technische gegevens bestaan onder meer uit kniktabellen, boutkrachttabellen, de belangrijkste tolerantie-eisen uit de verschillende normen en richtwaarden voor bekledingsdikten van staalprofielen bij brand.

x

 

Staal-beton

Toepassing en berekening van staal-beton constructies voor gebouwen volgens Eurocode 4 bij normale temperatuur en brand

J.W.B. Stark en R.J. Stark

2009 / ISBN 978-90-72830-83-8 / formaat 23x25 cm / 228 p. / Euro 87,50

'Staal-beton' behandelt in zes hoofdstukken de toepassing en de berekening van staal-beton constructies voor gebouwen volgens Eurocode 4.

Hoofdstuk 1 geeft een algemeen overzicht van de kenmerken, de ontwerp- en uitvoeringsaspecten en de toepassingsmogelijkheden van staal-beton liggers, staalplaat-betonvloeren en staal-beton kolommen. Aan de hand van vier recente Nederlandse projecten worden de voor- en nadelen van de verschillende constructieve oplossingen besproken.

De hoofdstukken 2 t/m 5 behandelen in detail de berekening van respectievelijk liggers, vloeren, kolommen en verbindingen in staal-beton bij normale temperatuur en bij brand. De gegeven rekenmethoden en toetsingsregels zijn gebaseerd op NEN-EN 1994-1-1 en NEN-EN 1994-1-2. Het gebruik van de toetsingsregels uit de Eurocodes wordt toegelicht met een groot aantal uitgewerkte rekenvoorbeelden.

Hoofdstuk 6 ten slotte geeft een volledige berekening van de constructie van een bioscoopzaal in staal-beton bestaande uit hoofdliggers, raveelligers en kolommen.

'Staal-beton' is het eerste boek in een nieuwe serie studieboeken &endash; als opvolger van de serie '(Over)spannend staal' &endash; die geheel aansluiten op de Eurocodes.

De auteurs - prof.ir. J.W.B. Stark en ing. R.J. Stark - zijn ervaren docenten aan de TU Delft en TU Eindhoven op het gebied van staal-beton constructies. Ook verzorgen ze cursussen over dit onderwerp. Op grond van hun ervaring is de inhoud van dit boek primair gericht op het onderwijs. Met de opgenomen aanwijzingen voor de toetsing volgens de Eurocodes en de vele rekenvoorbeelden vormt de stof ook een nuttig rekengereedschap voor de constructeur in de praktijk en een handleiding voor toezichthoudende instanties.

Leren van instortingen. Waarom bruggen en gebouwen soms instorten en hoe dat is te voorkomen!

F. van Herwijnen

2009 / ISBN 978-90-72830-84-5 / formaat 23x25 cm /180 p. / Euro 37.50

Bouwwerken of onderdelen daarvan behoren niet in te storten. Maar met enige regelmaat gebeurt dat toch, zowel in Nederland als in andere landen. Bruggen en gebouwen kunnen bezwijken door natuurgeweld (bijvoorbeeld een aardbeving) of door menselijk falen (bijvoorbeeld een ontwerpfout). Om dat te voorkomen speelt de constructieve veiligheid in het bouwproces van elk project een belangrijke rol.

'Leren van instortingen' behandelt in de eerste twee hoofdstukken de mogelijke oorzaken van instortingen van bouwwerken en geeft een overzicht van de ontwikkelingen op het gebied van constructieve veiligheid in Nederland in de afgelopen tien jaar. Met name het instorten van het parkeerdek van hotel Van der Valk in Tiel (2002) en van de balkons van het woongebouw Patio Sevilla in Maastricht (2003) zorgden in ons land voor een toenemende aandacht voor de veiligheid van bouwconstructies.

Vervolgens beschrijft de auteur in detail zesentwintig bruggen en gebouwen &endash; waarvan vijf in Nederland &endash; die geheel of gedeeltelijk zijn ingestort of waarvan de constructie ernstige gebreken vertoonde. Wat is de constructieve opzet van het bouwwerk, onder welke omstandigheden is de constructie bezweken en hoe is de instorting te verklaren? Maar het meest belangrijk is welke lessen uit het ongeval zijn geleerd, waardoor soortgelijke instortingen bij andere bouwwerken daarna konden worden voorkomen. De besproken bouwwerken &endash; van de Scheve toren van Pisa uit 1178 tot de instorting van de werftrap aan de Oudegracht in Utrecht in 2006 &endash; hebben door de eeuwen heen alle bijgedragen tot een beter inzicht in het gedrag van constructies en tot een verbetering van het bouwproces.

'Leren van instortingen' is in de eerste plaats bedoeld als 'eye-opener' voor partijen in het bouwproces die met constructies te maken hebben: ingenieursbureaus, aannemers en bouwtoezichten. Daarnaast is het boek bestemd voor studenten Civiele Techniek en Bouwkunde om te leren van instortingen uit het verleden. Tenslotte informeert het boek geÔnteresseerde leken over de achtergronden van bekende instortingen, zoals de Twin Towers in New York in 2001 en de overdekte kunstijsbaan in het Duitse Bad Reichenhall in 2006.

De auteur - prof.ir. Frans van Herwijnen - is algemeen directeur van adviesbureau ABT en was van 1997 tot 2009 hoogleraar Constructief ontwerpen aan de faculteit Bouwkunde van de Technische Universiteit Eindhoven.

Basis Constructieleer

Van Abeelen

2001 / 224 pp. / paperback + CD-rom / ISBN 978-90-72830-35-7 / Euro 19.50

Basis Constructieleer is bestemd voor eerstejaars studenten Bouwkunde en Civiele Techniek op HTO- en TU-niveau. Elementaire kennis van de toegepaste mechanica van statisch bepaalde constructies wordt daarbij bekend verondersteld. Voor studenten in een verdere fase van hun opleiding vormt dit boek een onmisbare schakel bij het bestuderen van de materiaalgerichte constructievakken. Het boek is dan ook een inleiding tot bestaande studieboeken over het construeren in beton, staal en hout.

Basis Constructieleer behandelt de basiskennis die nodig is voor het construeren van gebouwen. Het betreft algemeen materiaal-onafhankelijke aspecten, zoals het beoordelen en het schematiseren van constructies en het bepalen van de belastingen en het verrekenen van de veiligheid. De inhoud is gebaseerd op de algemene delen van de TGB 1990, namelijk NEN 6700 (Algemene basiseisen) en NEN 6702 (Belastingen en vervormingen). De vele specifieke termen uit deze voorschriften worden nader uitgewerkt en toegelicht met een groot aantal voorbeelden.

Kracht + vorm

Inleiding in de constructieleer van bouwwerken

J. Oosterhoff

2008 / 196 pp. / formaat 23x25 cm / ISBN 978-90-72830-81-4, / Euro 32.50

Het boek 'Kracht + vorm' behandelt de constructies van bouwwerken als inleiding tot het vakgebied van het constructief ontwerpen. Constructieszorgen er voor dat bouwwerken niet omvallen en instorten. Het boek is bestemd voor studenten in het eerste jaar van de opleidingen CivieleTechniek en Bouwkunde van universiteiten, hogescholen en academies van bouwkunst. In een aantal oriënterende hoofdstukken maakt de student kennis met de bouwwerken van de civiele techniek (met name gebouwen en bruggen) en met de constructies die daarbij horen met hun typen,begrippen en benamingen. Ook de hoofdstukken over constructies in staal, beton, hout en steen zijn bedoeld als kennismaking. De tekst maakt zichtbaar hoe constructies onderling verschillen, afhankelijk van het gebruikte materiaal. Het hoofdstuk over funderingen is eveneens informatief. De essenties van het construeren komen naar voren in de hoofdstukken over belastingen op gebouwen, krachten in constructies, stabiliteit, vormveranderingen en veiligheid. Enerzijds schetst dit boek de breedte van het gebied van het construeren en de context waarin dit plaatsvindt. Anderzijds is gestreefd naar beknoptheid, waardoor essentiële kennis niet wordt ondergesneeuwd door bijzaken.'Kracht + vorm' bevat talloze tekeningen en foto's geheel in kleur die de aard van het vakgebied illustreren: het construeren, waarin het visuele aspect een belangrijke rol speelt.

De auteur &endash; prof.ir. J. Oosterhoff &endash; was oprichter en directeur van adviesbureau ABT. Tevens was hij hoogleraar Draagconstructies aan de Technische Universiteit Delft.

Hollow sections in Structural Applications

J. Wardenier

2002 / 191 pp. / hardback / full color / ISBN 978- 90-72830-39-5 / Euro 35.50

Ebook version: ISBN 978- 90-72830-69-2

In the 1980s and 1990s a number of guides for the design with hollow sections have been published. These CIDECT design guides were almost totally directed at the practising engineer. Hollow sections in structural applications, however, is particularly written for teachers and students in structural and civil engineering, explaining the important principles for the behaviour of tubular structures. Since the design of steel structures is covered in basic lectures, this book considers only the special items related to the use of hollow sections, in particular the connections. Most attention is paid to the basic understanding for example failure modes and analytical models.

In addition to being invaluable for a specialist course on 'tubular steel structures', parts of the book would be excellent for more introductory-level courses on steel behaviour and design. The material included is an international consensus of knowledge on the topic at the turn of the Millennium: as such it is an ideal reference book too for all structural design engineers involved in tubular structures.

Weervast staal

2008 / 56 pp. / paperback / A4 / ISBN 978-90-72830-80-7 / Euro 19.50

Weervast staal is een product met een bijzondere, natuurlijke uitstraling. Deze uitstraling dankt het materiaal aan een fenomeen dat normaal gesproken ongewenst is: roest! Weervast staal is zo bijzonder, omdat de roestvorming geen teken is van ongewenste corrosie of van verval. De roest biedt hier juist een beschermende huid met aantrekkelijke visuele eigenschappen. Deze huid heeft een typisch, roestbruin patina en een enigszins ruwe textuur, waardoor het uiterlijk aan fluweel doet denken.

Weervast staal als bouwmateriaal is in de jaren zestig van de vorige eeuw vanuit de Verenigde Staten in Europa geïntroduceerd. Oorspronkelijk was het uitsluitend verkrijgbaar onder de merknaam Cor-Ten. Met name bij gevelbekledingen kiezen architecten tegenwoordig steeds vaker voor weervast staal vanwege de esthetische eigenschappen en de fascinerende natuurlijke kleurschakeringen. Constructief ontwerpers passen weervast staal juist toe omdat het een interessante mogelijkheid biedt om economisch en onderhoudsvriendelijk te bouwen, met name in de bruggenbouw. Weervast staal ontziet ook het milieu, doordat een beschermende verflaag overbodig is.

Bij het gebruik van weervast staal in bouwwerken moet rekening worden gehouden met een aantal bouwtechnische eisen. Deze publicatie verstrekt informatie over de eigenschappen, de verkrijgbaarheid en de verwerking van weervast staal en geeft aanbevelingen voor een juiste toepassing ervan. Een aantal recente projecten laten zien hoe architecten en constructeurs het materiaal in hun ontwerpen hebben opgenomen en gedetailleerd.

Optihalisatie

Constructietypen en ontwerpaspecten voor éénbeukige stalen hallen

2008 / 70 pp. / paperback / A4 / ISBN 978-90-72830-75-3 / Euro 17,50

Hallen worden gebruikt voor uiteenlopende functies: van een eenvoudige opslagloods of werkplaats tot een distributiecentrum of ontvangsthal op een vliegveld. Over stalen hallen valt veel te zeggen, omdat er in Nederland veel zijn en worden gebouwd. Er bestaan veel meningen en ervaringen als het gaat over hoe een stalen hal er uit moet zien.

Deze publicatie - bedoeld voor architecten en voor bouwkundig en constructief ontwerpers - heeft deze informatie gebundeld en behandelt de verschillende constructiesystemen en ontwerpaspecten voor éénbeukige hallen. De informatie stelt de ontwerper in staat om in de ontwerpfase de meest geschikte principe-oplossingen te kiezen die passen bij de specifieke situatie en programma van eisen.

Hoofdstuk 2 behandelt de verschillende mogelijkheden die de ontwerper heeft om de constructie van de hoofdoverspanning vorm te geven. Dit varieert van veel gebruikte constructietypen zoals gewalste liggers en vakwerken tot minder vaak gekozen oplossingen zoals geprofileerde-lijfplaatliggers, getuide liggers en bogen. Verder bespreekt dit hoofdstuk de voor- en nadelen van geschoorde en ongeschoorde hallen.

Hoofdstuk 3 gaat over de huid van de stalen hal. Wat zijn mogelijkheden voor het ontwerp van de gevel en wat zijn de alternatieven voor de dakopbouw. De verschillende dak- en gevelsystemen worden kort gekarakteriseerd.

De hoofdstukken 4 tot en met 6 belichten drie ontwerpaspecten die specifiek voor stalen hallen van belang zijn, namelijk: wateraccumulatie, brandveiligheid en kraanbanen.

Hoofdstuk 7 tenslotte geeft een overzicht van de belangrijkste kostenaspecten van stalen hallen. Met kostenkengetallen voor de staalconstructie en een indicatie van de kosten van de gevel kan de ontwerper een eerste kostenraming maken.

Wegwijzer Constructiestaal

2006 / 144 pp. / paperback / 10.5 x 17.5 cm / ISBN 978-90-72830-65-4 / Euro 8.50

Verdiepingbouw met Staal

Ontwerpboek voor architecten

2005 / 207 pp. / gebonden / 24.0 x 31.0 cm / ISBN 978-90-72830-00-5 / Euro 29.90

Verdiepinggebouwen met een staalskelet zijn in Nederland een vertrouwd beeld geworden. De afgelopen tien jaar heeft het bouwen met staal voor utiliteitsgebouwen tot zes bouwlagen zetfs een grote vlucht genomen . De keuze van de draagconstructie voor een verdiepinggebouw maakt steeds vaker deel uit van een afwegingsproces, waarbij naast de materialen en de technieken voor de constructies, ook bijvoorbeeld de afbouw, de installaties en de toekomstige flexibiliteit zijn betrokken. Voor een dergelijke integrale ontwerpaanpak is, zeker voor grootschalige projecten, een compleet ontwerpteam nodig van opdrachtgever, architect, constructeur, bouwfysicus, installateur en bouwer. Bij veel van deze partijen ontbreekt het nog vaak aan actuele kennis om in staal te kunnen ontwerpen en te bouwen.

Dit boek is vooraf bedoeld om de kennis toegankelijk te maken die in de Nederlandse praktijk is opgedaan met staalskeletbouw. Met deze informatie krijgen ontwerpers een beter inzicht in de technische en financiéie consequenties van hun keuze voor staal.

Het eerste deel gaat in op de belangrijkste ontwerpaspecten die samenhangen met het toepassen van de staalconstructie, zoals de keuze van de vloerconstructie, detailleren, brandveiligheid, conserveren en duurzaam bouwen.

In het tweede deel worden dertien recente Nederlandse projecten met een staalconstructie beschreven. Van eik project licht de ontwerper, via een interview, toe welke overwegingen en argumenten hebben geleid tot de keuze voor staal. De gekozen projecten vormen een afspiegeling van projecten waarin de staalconstructie een rol speelde in het architectonische en bouwkundige ontwerp.

Electromagnetic waves - An Introductory Course

Stichting Bouwen met Staal

VSSD - English language textbooks

Dutch: Bedrijfsleer | Bedrijfszekerheidstechniek | Elektrotechniek | Ergonomie | Fysische chemie en fysische en chemische technologie | Informatietheorie | Landmeetkunde | Levenscyclusanalyse | Materiaalkunde | Recht en techniek | (Technische) natuurkunde | Toegepaste mechanica, civiele techniek | Toegepaste taalkunde: Engels | Werktuigbouwkunde | Wiskunde: analyse, lineaire algebra, statistiek

Boekhandelsprijzen

Naar beginpagina VSSD-uitgeverij

Laatste wijziging: 1 juli 2009 hlf@vssd.nl