VSSD:
Science and Technology b 2010 / x+250 pp. / paperback
/ thesis / ISBN 978-90-6562-243-3 In deze studie staan de
utiliteitsbouw en de utilitaire gebouwenvoorraad centraal.
In de jaren zestig nam deze utiliteitsbouw sterk toe. De
groei van de bevolking, van de werkgelegenheid en van de
economie vroeg niet alleen om meer woningen, maar ook om
meer utiliteitsgebouwen, zoals bedrijfsgebouwen, kantoren,
scholen, ziekenhuizen en sociaal-culturele en
overheidsgebouwen. Voor een beter begrip van
het investeringsverloop is het zinvol om een scheiding aan
te brengen tussen uitbreidingsinvesteringen en
vernieuwingsinvesteringen (vervanging, verbouw en
grootonderhoud). Dat is hier gedaan door die investeringen
in utiliteitsbouw op te splitsen in een groeiafhankelijke
uitbreidingscomponent en een voorraadafhankelijke
vernieuwingscomponent. Langs die weg is op basis van de
voorafgaande uitbreidingsinvesteringen, de vervangingswaarde
van de utilitaire gebouwenvoorraad ultimo 2005 geschat. Dit
is zowel op macroniveau als voor de agrarische sector, voor
de industrie en voor de diensten- en overheidsectoren
onderzocht en aangevuld met een schatting van de voorraad in
gebruik 2005 naar vloeroppervlakte per sector en per
gebouwtype. Aanvullend is de omlooptijd
van de investeringen onderzocht, waarmee een basis is
verkregen voor het prognosticeren van de
vernieuwingsinvesteringen. a00 Updated: 21 May
2010, hlf@vssd.nl
Bouw- en voorraadeconomie
1960-2025
Flow-stock-trend-onderzoek
naar omvang, samenstelling, voorraadmutatie en toekomst van
de investeringen in de Nederlandse utilitaire
gebouwenvoorraad
Jo P. Soeter

Omstreeks 1970 kwam de utiliteitsbouw op een topniveau en is
sindsdien aan een sterke golfbeweging onderhevig. Dat
bemoeilijkt het zicht op de structurele
ontwikkeling.
Naast 535 miljoen vierkante meter voorraad in gebruik is bij
benadering 100 miljoen vierkante meter aanwezig die
leegstaat of onderbenut wordt.
Bij de prognose van de utiliteitsbouwtrends 2010-2025 is
onderscheid gemaakt tussen een Downcycling scenario met
volledig herstel van economische groei, verdere leegstand en
onderbenutting van de voorraad en veel eenzijdige keuzes
voor nieuwbouw. Daar tegenover past het Upcycling scenario
bij maximaal 2% structurele economische groei en meer
verbouw/grootonderhoud in combinatie met
levensduurverlenging en meer duurzaam investeren.
Met deze studie wordt het perspectief verschoven van
voorraadwaardering op basis van alles wat ooit gebouwd is en
nog niet is afgeschreven, naar voorraadwaardering op basis
van de jongere jaargangen utiliteitsbouw die beter
aansluiten bij de samenleving, economie en technologie van
vandaag.
PDF files: