Wat is er veranderd?

Het belangrijkste is dat de basisbeurs is afgeschaft. Thuiswonende studenten missen hierdoor ruim €100 en uitwonende studenten zelfs bijna €300. Hoe kom je dan aan geld om van te studeren en te leven? Lenen. Het maximale bedrag dat je per jaar mag lenen,is €1027,83. Het bedrag dat je eventueel via een aanvullende beurs krijgt, wordt hier vanaf getrokken. Hierdoor blijft het totaalbedrag van de studiefinanciering voor iedereen gelijk. Het enige verschil is dat sommige studenten dus een deel van hun studiefinanciering in de vorm van een aanvullende beurs krijgen. Je kunt je nominale studieduur + 3 jaar lenen bij DUO.

Een andere belangrijke regeling die veranderd is in het leenstelsel, is de aflosregeling. Vroeger had je 15 jaar de tijd om je schuld af te lossen. Dit is nu 35 jaar geworden. Dit zorgt dus voor een lager maandbedrag, maar zorgt er wel voor dat je er langer aan vast kan zitten. De aflosfase begint twee jaar nadat je afgestuurd bent. Je mag natuurlijk altijd eerder aflossen, maar het is niet verplicht. De rente loopt al wel vanaf het eerste moment dat je bent begonnen met lenen, dus eerder aflossen zorgt voor een lager rentebedrag. Vanaf het moment dat je moet beginnen met aflossen, moet je 4% van je inkomen boven het minimumloon per maand terugbetalen. Dit wil zeggen dat gedurende een periode waarin je minder dan het minimumloon verdient, je niets hoeft te betalen. De rente loopt echter wel door. Je mag dan ook meer betalen als je wil, maar het is niet verplicht. Als je de studieschuld na 35 jaar niet hebt kunnen aflossen, wordt deze kwijtgescholden.

Soms zit je in economisch zware tijden, heb je je geld hard nodig om je eerste huis in te richten of zijn er andere redenen waarom het aflossen van je studieschuld even niet uitkomt. Hiervoor zijn de jokerjaren ingevoerd. Je krijgt 5 jokerjaren (60 maanden) waarin je niet hoeft af te lossen. De rente loopt echter wel door! Ook wordt het aantal jokerjaren dat je gebruikt opgeteld bij de aflostermijn. Wanneer je dus alle 5 de jokerjaren hebt gebruikt, is de aflostermijn effectief 40 jaar geworden.

Zie voor een duidelijk overzicht Tabel 2 onderaan deze pagina.

Aanvullende beurs

Omdat deze financiële klap harder aankomt bij studenten met ouders die geen of slechts een kleine bijdrage kunnen leveren aan de kosten, is de aanvullende beurs gelukkig verhoogd en de inkomensgrens verlaagd. De aanvullende beurs blijft bestaan als prestatiebeurs. Deze is echter niet meer afhankelijk van de woonsituatie van de student. Zowel thuis- als uitwonende studenten kunnen nu maximaal €383,77 per maand krijgen. De nieuwe inkomensgrens ligt rond de €46.000. Dit wil zeggen dat wanneer je ouders minder verdienen dan €46.000 je een aanvullende beurs krijgt. Als je ouders minder verdienen dan €30.000 krijg je zelfs de volledige aanvullende beurs. Het recht op een aanvullende beurs en de hoogte hiervan is niet alleen afhankelijk van het gezamenlijke inkomen van je ouders, maar ook van hoeveel broertjes en zusjes er studeren, de zogenaamde ‘telkinderen’. Ook de eventuele studieschuld van je ouders zelf is een meespelende factor. Wil je uitrekenen of en hoeveel aanvullende beurs je krijgt? Gebruik dan de rekenhulp van de DUO.

Studentenreisproduct

Gelukkig blijft de OV-chipkaart voorlopig nog hetzelfde. Het aantal jaren dat je recht hebt op de OV-chipkaart bedraagt de nominale studieduur + 1 jaar. Let wel op, in principe leen je het bedrag voor je OV-chipkaart! Deze lening bedraagt €98,11 per maand. Als je je studie binnen 10 jaar afrond, wordt dit een gift. Als je dit niet doet, moet je dit bedrag dus terugbetalen. Je kan er ook voor kiezen om je reisproduct niet op te halen. Je krijgt het geld dan niet als prestatiebeurs. Als je vergeet je OV-chipkaart stop te zetten, moet je €97,- euro per halve maand terugbetalen. Vergeet dit dus niet te doen! Klik hier voor meer informatie over de OV-studentenkaart.

Voor veel mensen is het onduidelijk hoeveel ze nu precies mogen lenen in het nieuwe stelsel, of hoeveel ze nog krijgen vanuit het oude stelsel. Hieronder worden in verschillende tabellen het oude en het nieuwe stelsel vergeleken.

Oude stelsel Nieuwe stelsel
Uitwonend Thuiswonend Alleen lenen
Basisbeurs €288,95 €103,78
Aanvullende beurs €273,03 €251,40 €383,77
Lening* €300,52 €300,52 €925,95 €478,73
Collegegeldkrediet €165,33 €165,33 €165,33 €165,33
Totaal €1.027,83 €821,03 €1.091,28 €1.027,83

* Krijg je geen of minder aanvullende beurs? Dan mag je het verschil bij lenen.
** Als je al je nominale studieduur aan basisbeurs hebt ontvangen, heb je geen recht meer op een basisbeurs en mag je alleen nog lenen.

Hieronder staat een overzicht over het verschil in de aflosregeling. Dit is met name belangrijk voor studenten die zowel binnen het oude als het nieuwe stelsel vallen, bijvoorbeeld als je bachelor nog onder het oude stelsel viel en je master onder het nieuwe stelsel. In dit geval mag je kiezen of je je lening wil afbetalen volgens de regels van het oude stelsel of volgens de regels van het nieuwe stelsel. In het oude stelsel ben je eerder van je lening af, maar betaal je wel meer per maand. In het nieuwe stelsel ben je minder per maand kwijt aan het aflossen van je studieschuld, maar kan je wel tot 35 jaar zitten met je studieschuld. In Val ik onder het oude of onder het nieuwe stelsel? kan je kijken welk stelsel en welke aflosregeling voor jou van toepassing is.

Oude stelsel Nieuwe stelsel
Vanaf Twee jaar na beëindiging studiefinanciering Twee jaar na beëindiging studiefinanciering
Aflossen binnen 15 jaar 35 jaar
Hoeveel per maand* 12% extra inkomen boven het minimumloon 4% extra inkomen boven het minimumloon
Jokerjaren** 5 jaar (60 maanden) 5 jaar (60 maanden)

* Dit is het bedrag per maand dat de overheid maximaal van je vraagt om je lening af te lossen. Je mag natuurlijk altijd meer betalen zodat je eerder van je lening af bent.
** De term ‘jokerjaren’ staat uitgelegd in 2. Het oude stelsel en in 3. Het nieuwe stelsel.

Klik hier om terug te keren naar het hoofdmenu of klik op een van de onderstaande links.